|
Julius
Theodorus Hugo Uiterloo
werd geboren in 1932 te
Paramaribo Suriname. Hij
overleed aan de gevolgen
van een hartaanval in
1975.
Hugo
drukte een belangrijk
stempel op de
ontwikkeling van de zang
in de Surinaamse
kaseko-muziek. Hij is tevens de bron van
Winti-liederen en op de
calypso geďnspireerde
liedjes in de kaseko. Wat
Otis Redding voor de
soul was, was Lieve Hugo
voor de Kaseko. Beide
kwamen op jonge leeftijd
op tragische wijze om
het leven.
De dood van Hugo was met veel
mysterie omgeven. Velen
dachten dat hij niet aan
zijn hartkwaal was
overleden, maar behekst
was door een jaloerse
collega. Hugo zelf
zag het allemaal al
aankomen. 'Na fu san
de mi musu dede'
(waarom moet ik sterven),
zong hij en ook zijn lof
lied voor de
onafhankelijkheid van
Suriname 'Srefidensi' was al
af voor het zover was. Hugo heeft zelf de
onafhankelijkheid niet
meegemaakt. Zijn
lijkkist reisde mee met
de vlucht die Joop
den Uyl maakte om de
onafhankelijkheid te
bezegelen.
In zijn
jonge jaren zingt Hugo
‘Iko’ Uiterloo in
het Centraal Koor van de
Rust & Vrede-kerk te
Paramaribo en hij speelt
drums in Sluisdom, een
band die bestaat uit
ex-boksers. Hij bespeelt
de Skratjie, een grote
trom met ‘bekken’ op
een houten schraag,
daarna bij zangers
Johnny de Miranda en
‘Mighty Botai’ en
maakte van 1967-1969 deel
uit van de
kaseko-formatie 'Orchestra
Washboard'.
Deze band brengt de
verandering van
bigi-poku naar kaseko
tot stand. Bigi-poku is
tot het eind van de
jaren '60 de
belangrijkste
Afro-Surinaamse
dansmuziek. Door
allerlei invloeden
verandert dit in kaseko.
Bij Orchestra Washboard
is het in die tijd een
komen en gaan van
muzikanten. In 1970 komt
Orchestra Washboard naar
Nederland voor een zeer
succesvol optreden in
het Concertgebouw
tijdens het Holland
Festival.
Hugo ontwikkelt zich in
die periode tot
lead-zanger, of op zijn
Surinaams gezegd
voorzanger. Hugo is
de bron van
Winti-liederen en op de
calypso geďnspireerde
liedjes in de kaseko. Dat
hij een grote stempel
drukt op de ontwikkeling
van de Surinaamse
kaseko-muziek komt niet
alleen door de
veelzijdigheid die zijn
werk kent, maar vooral
ook door zijn keuze om
in goed verstaanbaar
Sranan (Surinaams) te
zingen, hetgeen de
herkenbaarheid bij zijn
publiek vergroot. Het
debuutalbum van
Hugo verkoopt dan ook
uitstekend.
Na
een Nederlandse tournee
gaat Hugo terug naar
Paramaribo waar hij meer
optreedt dan zijn zwakke
hart aankan. Dokters
adviseren hem naar
Nederland te gaan om
zich te laten
behandelen. Begin 1975
wordt hij tijdens een
optreden met zijn
begeleidingsband 'the Happy Boys' in club Sosa
te Amsterdam geveld door
een hartaanval. Zijn
lichaam wordt naar
Suriname gevlogen waar
het twee dagen voor de
Dag van de
Onafhankelijkheid
begraven wordt.
Op
4 december 2005 hebben
Guus Pengel en Ricardo
Tuinfort in Rotterdam
een theaterstuk
opgevoerd van de legende
lieve Hugo, met als
titel 'A tribute to
Lieve Hugo'. Zij waren
van mening dat er te
weinig geschreven is
over de Surinaamse
artiest van toen, Lieve
Hugo. Ook programmamaker
Vincent Soekra is bezig
met opnames van een
muziekdocumentaire van
kasekomuzikant Lieve
Hugo (Hugo ‘Iko’
Uiterloo). Deze negentig
minuten durende
documentaire zal heten 'Iko,
The King of Kaseko' en
gaat in het najaar van
2008 in premičre.
Vincent Soekra is de
regisseur en de
schrijver van het
script. De
muziekdocumentaire over
Lieve Hugo moet kaseko
op de wereldkaart
plaatsen. Berget Lewis,
Angela Groothuizen,
ex-Dolly Dots en Edgar
‘Bugru’ Burgos van
Trafassi verlenen hun
medewerking aan de film.
De familie, de kinderen,
de weduwe van Lieve Hugo
en zijn jongere broer
komen ook naar Suriname
voor de opnamen. Oscar
Harris en de Nederlandse
zanger Boris met zijn
band worden in januari
2008 verwacht.
De
laatste opnamedag is op
een groot concert op 10
april met topartiesten
onder muzikale
begeleiding van het
Metropool Orkest in het
concertgebouw van
Amsterdam. Iko, The
King of Kaseko zal in
premičre gaan op het
Internationaal
Documentaire
Filmfestival van
Amsterdam 2008. Kort
hierna wordt het in drie
delen onder auspiciën
van de Nederlandse
Programma Stichting
(NPS) op de Nederlandse
Televisie vertoond.
Meteen hierna vindt de
Surinaamse premičre
plaats. Het streven is
erop gericht om de
documentaire van
negentig minuten in het
najaar van 2008 af te
krijgen.
Historie
op een rij
|
-
1963
|
Hugo
zingt in het
Centraal Koor
van de Rust
& Vrede-kerk
te Paramaribo en
hij speelt drums
in Sluisdom, een
band die bestaat
uit ex-boksers.
|
|
1967
- 1969
|
Hugo maakt
deel uit van de
kaseko-formatie
Orchestra
Washboard. Deze
band brengt de
verandering van
bigi-poku naar
kaseko tot
stand. Bigi-poku
is tot het eind
van de jaren '60
de belangrijkste
Afro-Surinaamse
dansmuziek. Door
allerlei
invloeden
verandert dit in
kaseko. Bij
Orchestra
Washboard is het
in die tijd een
komen en gaan
van muzikanten.
|
|
1970
|
Orchestra
Washboard komt
naar Nederland
voor een
optreden in het
Concertgebouw
tijdens het
Holland
Festival. Na een
Nederlandse
tournee gaat
Uiterloo terug
naar Paramaribo
waar Hugo meer
optreedt dan
zijn zwakke hart
aankan. Dokters
adviseren hem
naar Nederland
te gaan om zich
te laten
behandelen.
|
|
1974
|
Stan
Lokhin
produceert het
debuutalbum van Hugo. De
plaat verkoopt
uitstekend.
Lokhin voegt
zich al snel als
trompettist en
arrangeur bij de
begeleidingsband
van Hugo.
|
|
1975
|
Tijdens
een optreden met
zijn
begeleidingsband
de Happy Boys in
club Sosa te
Amsterdam wordt
Hugo geveld
door een
hartaanval. Zijn
lichaam wordt
naar Suriname
gevlogen waar
het twee dagen
voor de Dag van
de
Onafhankelijkheid
begraven wordt.
|
|
1976
- 1978
|
Hugo's
voormalige
begeleidingsband
Happy Boys
treden op en
maken platen.
Via
platenmaatschappij
Dureco worden
twee albums
uitgebracht.
Stan Lokhin gaat
daarna nog door
onder zijn eigen
naam.
|
|