|
Hugo
Pos werd geboren op 28
november 1913 te
Paramaribo, hij overleed
op 11 november 2000 te
Amsterdam.

Op
zijn veertiende
verhuisde Hugo naar
Nederland. Hij ging in
Alkmaar wonen. In
1940 vielen de Duitsers
Nederland binnen, Hugo
volgde toen een studie
rechten in Leiden, maar
aangezien Hugo van
joodse komaf was,
probeerde hij na de Duitse
inval Nederland uit te
vluchten. Hij belandt in
1941 weer in Suriname.
Hugo
vertrekt weer en komt
daarna onder andere terecht
in Engeland, Australië,
Nieuw Guinea, Biak, de
Halmaheira-eilanden en
Japan, om vervolgens
weer in Suriname te
eindigen. Aldaar wordt
Hugo rechter, maar hij
vertrekt uiteindelijk
toch weer naar
Nederland. Ook in
Nederland was Hugo
rechter.
Hugo
schreef onder pseudoniem
Ernesto Albin een aantal
toneelstukken waarvan
het door hemzelf
geregisseerde stuk
"Viva la vida"
in 1957 bekendheid
verwierf. Zijn hoorspel
"Black and White
werd bekroond. Hugo
heeft ook onder een
pseudoniem poëzie
geschreven.
In
1985 debuteerde Hugo als
schrijver en dichter in
Nederland. Werken
van Hugo zijn: Het
doosje van Toeti
(1985), Ik klim
overal in (1986),
De ziekte van Anna
Printemps (1987),
Een uitroep zonder
uitroepteken
(1987), Reizen en
stilstaan (1988),
Het mausoleum van
de innerlijke
vrede (1989), Van
het een (1992),
Voordat ik afreis
(1993),
Nestoriaanse
kwatrijnen
(1993-...), In
triplo (1995),
Gedane zaken
(1996), Het
verlaten
koninkrijk (1996),
Voorbij
Confucius (1996),
De ongewisse tijd
(1999), Het talmen
van de tijd (2000).
Hugo
schreef ook het stuk
"de tranen van
den Uyl", een
theatrale herdenking
van de 8
decembermoorden. Het
verhaal is in
december 2005
wederom in de
bekendheid, wanneer
het door John
Leerdam
geregisseerde stuk
weer op de planken
wordt gezet. Meer om
de gebeurtenissen
van die zwarte
bladzijde uit de Surinaamse
geschiedenis te
herdenken en de
jeugd ook aan het
denken te zetten.
|